Noodlot cover

Noodlot

Louis Couperus (1863-1923)

1. Hoofdstuk 1 - paragraaf 1 - 2
2. Hoofdstuk 1 - paragraaf 3 - 4
3. Hoofdstuk 2 - paragraaf 1 - 2
4. Hoofdstuk 2 - paragraaf 3 - 4
5. Hoofdstuk 3 - paragraaf 1 - 3
6. Hoofdstuk 3 - paragraaf 4 - 6
7. Hoofdstuk 3 - paragraaf 7 - 8
8. Hoofdstuk 3 - paragraaf 9 - 10
9. Hoofdstuk 3 - paragraaf 11 - 12
10. Hoofdstuk 3 - paragraaf 13 - 15
11. Hoofdstuk 3 - paragraaf 16 - 18
12. Hoofdstuk 4 - paragraaf 1 - 3
13. Hoofdstuk 4 - paragraaf 4 - 5
14. Hoofdstuk 4 - paragraaf 6
15. Hoofdstuk 5 - paragraaf 1 - 2
16. Hoofdstuk 5 - paragraaf 3

(*) Your listen progress will be continuously saved. Just bookmark and come back to this page and continue where you left off.

Summary

Een hollandsche jonge man, Bertie, een liederlijke vagabond, die te Londen door eenen vriend in huis genomen een wereldsche fat wordt van de oneerlijkste soort, die in 't geheim alles doet om zijnen vriend (Frank) het leven te bederven, welke bij diens geliefde zijne eerlijkheid en goede trouw met alle intriganten-manieien ondermijnt, hem zijn geld aftrochelt, om hem te verraden, en dan de verantwoordelijkheid voor die daden van zich afschuift, op het Schicksal, op het Fatum, dat is de hoofdpersoon.Daar tegenover staat de vriend Frank, een recht onnoozele bloed, die het hart van een eerlijk meisje wegens zijne eerlijkheid heeft veroverd, doch weldra mistrouwd wordt, ten gevolge der inblazingen van Bertie. Frank leeft jaren lang met Bertie, zonder in 't minst te bemerken dat deze een verrader is. Ofschoon bedaard van karakter, stuift hij op in woede wanneer hij ten langen leste het verraad ontdekt, werpt zijnen vriend op den grond, wurgt hem half bewusteloos.... (de eenige recht mannelijke daad die hij verricht).Samenvatting door J.A. Alberdingk Thijm, ‘Boekenkennis.’ In: Dietsche Warande. Nieuwe reeks 2. Jaargang 5 (1892)